Laser gamen

4 januari 2023 - Bouarfa, Marokko

Zegzel-kloof en Plateau van Rekkam

’s Morgens is Wim nog met Abdel langs zijn plantage gegaan. Abdel probeert meer boompjes (zoals hij het noemt  broodamandelbomen)  te kweken buiten zijn omheining, maar de grond is daar te droog. Het regent hier weinig dus zonder irrigatie komen ze niet tot ontwikkeling. En het terrein achter de omheining loopt te steil af, dus houdt het ook geen water vast.    We nemen afscheid van iedereen en vertrekken rond half elf. We gaan eerst naar Saïdia, de badplaats in de uiterste oostpunt van Marokko op de grens met Algerije. We herinneren ons van de vorige keer dat langs de kust een batterij aan luxe hotels en appartementen staan. Groot Zandvoort zeggen we tegen elkaar als we de 6 kilometer lange boulevard afrijden. Het centrum is nog hetzelfde, maar langs het strand zijn er, ondanks covid, meer strandtenten bij gekomen. Het oogt allemaal welvarender dan 3 jaar geleden. We pinnen bij een Credit Agricole voldoende Dirham voor de komende week en drinken een café au lait. In een Marjane supermarkt doen we boodschappen. 

We rijden naar Berkane. Het gebied is heuvelachtig en vruchtbaar. Deze kant van de uitlopers van de Atlasbergen krijgt meer regen. Dat kun je duidelijk zien. Grote akkers worden bewerkt of zijn al ingezaaid. Erwten, peulen, bonen, aardappels worden,  net als bij Abdel, het meest verbouwd. Daarnaast is er wijnbouw, teelt van olijven en amandels. In de Zegzel-kloof en -vallei is de afgelopen  15 jaar door de overheid de teelt van mispels (néflier) gestimuleerd. Het is één van de belangrijkste inkomstenbronnen van de regio geworden. In Berkane is een groot industrieterrein, van AgriMaroc, waar veel agrarische bedrijven zijn voor de opslag en export. 

Afwisselend groen bruin

Buiten Berkane slaan we af naar de Zegzel-kloof. Het is zowel een kloof als een kleine bergpas in de bergen van Beni-Snassen. Het is prachtige tocht, waar achter iedere bocht een verrassend uitzicht volgt. De roodbruine en geelwitte bergen steken scherp af tegen het groen. De kloof was vooral in trek vanwege twee prehistorische grotten. Door aardverschuivingen zijn die gesloten voor toeristen. We kronkelen naar boven en stappen uit bij een gehucht met een moskee waar op de kaart een bron staat aangegeven. Op die plaats horen en zien we Christian en Monika passeren met hun ‘kasba’-terreinwagen. Een paar kilometer verderop kunnen we linksaf naar een grot. Dat blijkt de gesloten grot van Chamaux (=kamelengrot vanwege de vorm van de rotstoppen) te zijn. Daarin bevinden zich prehistorische tekeningen van ca 100.000 jaar geleden. Bij een slagboom staat aangegeven dat er een bouwplan is voor een moderne toegang en expositie. Het ziet er gelikt uit. Maar wel met bungalows in de planning.

kamelenrots Op zoek naar de bronZegzelkloof

Het is jammer dat de grotten voorlopig gesloten zijn. Tot 2010 stroomde warm bronwater door de grotten. De overheid heeft de toevoer afgedamd. Het warme water vormde door de kalkhoudende stoffen druipsteenformaties. In de beide grotten zijn vele  resten gevonden van bewoning, graven en gebruiksvoorwerpen die terugvoeren op een periode van 17.000 – 8.000 voor Christus. Deze  ‘ibéromaurusian’ cultuur stamt uit dezelfde tijd als de Egyptische en Mesopotamische cultuur. De naam ibéro verwijst naar Spanje en Portugal, maar later is vastgesteld dat deze cultuur alleen op het Afrikaanse continent voorkwam. Zegzel (Taforalt op het kaartje) is één van de belangrijke vindplaatsen van de cultuur. De pioniers van deze beschaving kwamen naar deze grotten omdat de dieren waarop ze jaagden hier kwamen drinken. Opvallend is dat de jagernomaden aan de noordzijde van het Atlasgebergte bleven.

iberomaurusian

We gaan een alternatieve route volgen, maar dan komen we na een paar kilometer bij een steile grind- en rotsweg.  Dus terug. Er volgt een parkeerplaats bij de tweede grot: de grot van de duiven. Ook die is niet meer toegankelijk, maar via een looppad kunnen we bij de ingang komen. Een parkwacht legt het ons vriendelijk uit. De naam is verklaard vanwege de vele holten in de berg die dienen als duivennesten. Het is aan de buitenkant niet spectaculair. Terug bij de auto komt de parkwacht naar de auto. Hij probeert in het Engels: parking, parking. Liesbeth denkt dat hij misschien zegt dat we kunnen blijven staan. Wim zegt: hij wil gewoon geld voor het ‘passen op onze auto’.

Duivengrot.Zegzel-kloof Ingang.duivengrot.Zegzel-kloof Zegzel-kloof

Als we door de kloof zijn verandert het landschap. Droger, geel, geelbruin, minder groen. We kiezen de route naar El-Aïoun. Morgen willen we naar het Plateau van Rekkam. Dan zijn Taourirt en Guercif goede uitval plaatsen. In Guercif staat bij een zwembad een camping. Dan gaan we daarheen, beslissen we. Het zwembad is te vinden, maar er omheen is alles omgetoverd in een bouwterrein voor huizen. Een 30 kilometer naar het zuiden is een camping: Benyakoub.

El-Aïoun.onderweg Spaarzamebomen Onderweg.Taourirt

De camping blijkt bij een hotel te zijn. Het complex lijkt net overgenomen en is in de renovatiefase. Ook het personeel is nog niet helemaal ingesteld op inchecken en service. Maar we staan er goed, als enigen op het terrein. Wim zegt dat ze wel een loodgieter mogen laten komen, want alle afvoeren bij de wastafels lekken. Dus natte voeten van eigen waswater. Liesbeth meldt dat het warme water bij de douche niet komt. Maar wie maalt daar om. Wij in ieder geval niet. Ze willen graag een ontbijt aanbieden. Voor 2 personen 50 Dirham, dat is minder dan 5 euro. Het is een goede keus.

Benyakoub  Ontbijt.benyakoub

We starten na een goed ontbijt in zuidelijke richting. We rijden dan inmiddels op ongeveer 1200m hoogte. Het Plateau van Rekkam is bij lange na niet vlak. Het is golvend met aan beide zijden hogere bergruggen.  Na ongeveer 85 kilometer is er een afslag naar het oosten. Maar voor die tijd zal Wim merken dat de politie aan het laser gamen is. Weliswaar gewaarschuwd door een tegemoetkomende automobilist rijdt Wim bij een school te hard. Dus aan de kant gezet. Alles wordt gecontroleerd, papieren, verzekering en dan laten zien dat er 85 op het ‘speeltje’ staat, waar 60 km max was. Wim soebat in het Frans, maar het mag niet helpen. ‘400 Dirham’ zegt de gendarme. Wim betaalt. ‘Komt U even mee naar mijn auto’ zegt hij dan. ‘Wat wil hij?’, vraagt Liesbeth. ‘Ik denk mijn handtekening’, zegt Wim ontspannen. De gendarme die als enige van de drie een rode biesafzetting op zijn uniform heeft stapt in zijn auto. Het ritueel van vriendelijk en ontspannen blijven herhaalt zich met als thema ons reisdoel en ‘het prachtige Marokko’. De gendarme heeft alles in de hand inclusief het geld. Hij pakt er 200 Dirham van en geeft dat aan Wim. ‘Is dat een goed compromis?’ vraagt hij. Wim kijkt hem aan en zegt met een lach dat het een deal is. Als mensen denken dat een Marokkaanse gendarme sinds enige jaren niet meer een boete in eigen zak steekt, dan is dit in ieder geval een uitzondering op de regel. Dat heet dan geen corruptie, maar inkomenscompensatie. Dus uiteindelijk voor 20 euro de overtreding afgekocht. ‘Ik had je nog gewaarschuwd dat een achterligger veel langzamer ging rijden’ zegt Liesbeth. Tsja, snelheid zit wellicht een beetje in de genen, zou Eric (in de Hof van Abdel) zeggen. Maar dat is geen excuus, zegt Liesbeth nog. Dan rijden we verder. Wim houdt zich daarna aan de aangegeven snelheid op de borden. Maar voor hoe lang? That’s the question.

De rit is prachtig. Het landschap is droog. De vele ‘oued’ (rivieren) die we oversteken staan droog op een enkele plek na waar nog een beetje water is achtergebleven. De borden langs de wegen waarschuwen voor overstekende schapen, koeien, kamelen. Kamelen zien we niet. Wel veel bedoeïenen die met kuddes schapen en geiten over het bijna dorre land trekken. Voor we afslaan zien we in de verte de hoogste berg Jbel Gaberaal (3290m) van Marokko voor ons, bedekt met sporen van sneeuw. We vinden de route mooi en imponerend. De hoogte varieert van 1200- 1500 meter. Onvoorstelbaar dat op deze plaatsen nog mensen wonen en een vorm van bestaan hebben. We krijgen na een volgende afslag naar het zuiden  een heel lang stuk (120 km) minder mooie en dus saaier weg om uiteindelijk in Bouarfa te komen. Liesbeth rijdt een groot deel van deze route. De weg is ook minder goed met meer slechte plekken en plaatsen waar bij regen het water gewoon over de weg heen stroomt. Soms lijkt het of je aan het eind van de licht oplopende weg zo de hemel in rijdt. Petrus blijkt niet aan het eind te staan.

 RouteRekkam Grillige.achtergrond Roodbruine.rupsLangewegGrillige rotsen Sneeuw.in Marokko JbelGoberaal  Voorrangnemers  Kamelengraseindeloze weg Koeien Dorheid zo ver je kijken kan Rode rots   Zandduinen

In Bouarfa is een camping (Panda) op 15 km afstand. We rijden daar heen. Bij een controlepost met laser gun stopt Wim en vraagt of er een camping in de buurt is. De gendarme spreekt goed Engels, maar blijkt niets te weten van campings. Bij de plek waar camping Panda zou moeten zijn is niets meer. Alleen een weg naar de grens met Algerije die doodloopt. Op internet vindt Wim een campingplek bij een hotel. Bij de controlepost vragen we het voor de zekerheid nog even. Bij het hotel zou je mogen staan, is het antwoord. Hotel Clim Oriental heeft inderdaad die mogelijkheid. We komen op het binnenterrein te staan. Dit is voor één nacht, daarover zijn we eensgezind. De prijs blijkt een meevaller: 80 Dirham voor staanplaats, stroom en ontbijt voor twee. Alleen geen douche en geen (drink)water. We hebben een miauwende gast bij tafel die, als we klaar zijn met eten (!), door de chef-kok wordt weggejaagd. 

all.inclusive  Gast.bij.tafel

Het is ook hier onvoorstelbaar hoeveel minder kampeervoorzieningen er zijn. Covid heeft kennelijk veel initiatieven laten doodbloeden. In  b.v. Iche is geen camping meer. En het is nog maar de vraag of de camping in Figuig nog open is. We zien dat wellicht 10 kilometer verder dan camping Panda  een ecologische boerderijcamping is. Daar staat van november 2022 nog een review bij. Dus dat proberen we hierna. Dan blijven we daar in ieder geval een paar dagen, anders zijn we met dit tempo van vandaag al binnen maand door het zuiden van Marokko heen. Dat is niet de bedoeling. We nemen ons voor de meeste campingplekken die we vanaf nu tegenkomen, bij wijze van inspectie, aan te doen.

9 Reacties

  1. Elly:
    4 januari 2023
    Weer een prachtig verhaal.
  2. Elly van den Broeke:
    4 januari 2023
    Het is een bijzondere reis ! Jullie maken wel heel veel onverwachte dingen mee ! Verder goede reis en tot de volgende keer
  3. Gea:
    4 januari 2023
    Heerlijk om mee te reizen. Een bijzonder fijne reis gewenst
  4. Karin:
    5 januari 2023
    Geweldig om weer zo mee te mogen reizen.
    Bewondering, nu al, voor jullie avontuurlijke en positieve instelling.
  5. Marijke Maris-Baan:
    5 januari 2023
    Heerlijk als je planning zo in de soep loopt. Dan begint het echte avontuur!
  6. Wim en Liesbeth Wessels:
    5 januari 2023
    Zo is het. We genieten ervan.
  7. Wolffensperger:
    5 januari 2023
    Weer veel positieve ervaringen die we door het reisverslag enerzijds en de mooie foto's anderzijds van jullie, mee maken in Marokko. En ook hier valt nog geld te verdienen met onderhandelen.







    Groet Herma en Wim
  8. Dirk batenburg:
    5 januari 2023
    geen Petrus aan het maar wel de kat van ome Willem.
    en geen Petrus maar wel de kameel aan het eind.
    waarom krijg die kat geen eten, Liesbeth gaat hij nog netjes zitten ook nog.
  9. Bep van den Bosch:
    7 januari 2023
    Een prachtig verhaal met onverwachte gebeurtenissen.